|
Een koan (Chinees: Kung-An) is een uitspraak of onoplosbaar raadsel dat in het zenboeddhisme tot doel heeft de student te verwarren, door het denken met een zodanige paradox te confronteren, dat het op de
achtergrond treedt ten opzichte van de directe waarneming. De zo te bereiken continue directe waarneming,
zonder (voor)oordelen, wordt in het boeddhisme verlichting genoemd (in het Japans: satori; in het Sanskriet:
Sambodhi).
Het gaat bij een koan niet zozeer om het oplossen van het raadsel, maar om het inzicht in het belang van de
paradox, zowel de specifieke paradox van de koan zelf, als het bestaan van paradoxen op zich.
Dit 'inzicht in de paradox' is geen abstract inzicht, de aard van de koans is net, voor zover als met woorden
mogelijk is, de leerling 'met de neus op de feiten te drukken'. Iedere koan wilt een zekere werkelijkheid
uitdrukken die niet voor woorden vatbaar is, vandaar dat deze paradoxaal overkomt.
Shieng Nien van Feng Yang (926-993) beschreef in zijn boek Ogen van mensen en goden 18 verschillende
soorten vragen:
De vraag die de meester om instructie verzoekt.
De vraag naar de beoordeling door de meester van de eigen geestesgesteldheid. De vraag naar het standpunt van de meester. De vraag die zelftwijfel uitdrukt en bevestiging bij de meester zoekt. De nieuwsgierige vraag naar de houding van de meester. De wanhopige vraag van degene die niet weet of hij verder moet met het bestuderen van zen. De vraag die de meester op de proef wil stellen. De onnozele vraag. De vraag die een eigen mening over zen uitdraagt en wil weten hoe de meester daar tegenover staat. De vraag die verwijst naar een uitspraak van een oude meester. De vraag die de soetra's citeert. De vraag die aan een bekend feit refereert. De vraag die aan een direct waarneembaar feit refereert. De vraag betreffende een hypothetische situatie. De vraag die een werkelijke twijfel verwoordt. De vraag met een agressieve bedoeling. De rechtstreekse vraag zonder omhaal van woorden. De vraag die niet in woorden wordt uitgedrukt. [bewerken] Uitspraak Een koan is tevens een uitspraak van een zenmeester, of een antwoord op een vraag aan hem gesteld. Collecties:
Er bestaan een aantal collecties van koans, de bekendste is de Mumon, ook wel bekend als de poortloze poort.
Het is een collectie van 48 koans die beginnen met de klassieke koan:
Een monnik vroeg Joshu, een Chinese zenmeester:
'Heeft een hond de Boeddha-natuur of niet?' Joshu antwoordde: 'Mu' Mumon (de monnik die de collectie schreef) schrijft bij iedere koan een commentaar en een gedicht
'ter verduidelijking'.
Andere Voorbeelden:
Wat is het geluid van 1 klappende hand ? Alle dingen keren tot het Ene terug, waartoe keert het Ene terug ? Als een boom valt in het woud, en er is niemand om hem te horen, maakt hij dan een geluid ? Hoe kan ik trachten los te laten, als 'trachten' niet-loslaten is ? Ik wil niets meer. Ik wil niets meer, en zelfs dat niet. Ik streef er naar, het streven achterwege te laten. Een leerling was nieuwsgierig naar de betekenis van de editcount. Hij benaderde de zenmeester en vroeg : "Zenmeester, wat is de betekenis van de editcount?" "De editcount is als een weg", antwoordde
de zenmeester. "Je moet de weg afleggen om je bestemming te bereiken, en sommigen moeten verder
reizen dan anderen. Maar beoordeel iemand niet naar de lengte van de tocht die hij gemaakt heeft om j
ou te bereiken." En de leerling was verlicht.
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Nog meer Zen Koans kunt u vinden op:
|

